Komende diensten

zo 29 nov, 10:00 Ds. Ron Koopmans
Eerste adventszondag
zo 06 dec, 10:00 Ds. Ron Koopmans
tweede adventszondag
zo 13 dec, 10:00 Ds. Ron Koopmans
derde adventszondag

Recente inhoud

Komende Online Uitzending

Klik op de afbeelding om naar ons YouTube kanaal te gaan

Update: Houd moed, heb lief!

Houd moed, heb lief

Al een paar weken leven we onder de nog wat scherpere maatregelen die de regering moest nemen. In onze Jozefkerkgemeenschap passen we ons schijnbaar moeiteloos aan. We zijn dankbaar dat we nog steeds kerkdiensten kunnen houden met nog zo’n dertig bezoekers. Het ontvangstcomité begeleidt de kerkgangers rustig naar hun plaats en na de dienst weer naar buiten. De kerkgangers houden zich prima aan de voorschriften.

Helaas mag er nog geen ‘gemeentezang’ zijn. Maar we zijn gezegend met een aantal mensen die zich hebben aangemeld als ‘zanger’, zodat wat anders ‘samenzang’ is nu uit enkele monden toch heel welluidend klinkt. Ook doen diverse mensen mee als ‘lezer’ van de Schriftlezingen, soms fysiek in de kerk, vaak ook via een filmpje. Complimenten en dank voor wie dit allemaal organiseert!

We missen intussen wel de ontmoeting, ook in het kringwerk. Het is een grote uitdaging om elkaar vast te houden, en om ook zelf het lijntje naar God en naar de kerk niet te verwaarlozen. Dat is de verantwoordelijkheid van ieder persoonlijk en van ons samen. Probeer andere manieren te vinden om naar elkaar om te zien. 

Wij hebben nog altijd vertrouwen voor de toekomst. Momenteel lijkt het virus weer wat op zijn retour en berichten over een vaccin zijn ook hoopvol. En altijd hoort de Heer ons bidden. 

Dus houd moed, en heb lief! 

Ron Koopmans, predikant

Dagmeditatie 11 november 2020

Door Daan Kraan op 11 november, 2020 - 08:00

Mattheüs 24: 1-14

Nadat Jezus de tempel had verlaten, wendden zijn leerlingen zich onderweg tot Hem en vestigden zijn aandacht op de tempelgebouwen. Hij zei tegen hen: ‘Hebben jullie dat alles goed gezien? Ik verzeker jullie: geen enkele steen zal op de andere blijven, alles zal worden afgebroken!’

Op de Olijfberg ging Hij zitten met zijn leerlingen om zich heen, en nu ze onder elkaar waren vroegen ze: ‘Vertel ons, wanneer zal dat allemaal gebeuren en aan welk teken kunnen we uw komst en de voltooiing van deze wereld herkennen?’

Jezus antwoordde hun: ‘Pas op dat niemand jullie misleidt. Want er zullen velen komen die mijn naam gebruiken en zeggen: “Ik ben de Messias,” en ze zullen veel mensen misleiden. Jullie zullen berichten horen over oorlogen en oorlogsdreiging. Laat dat je dan niet verontrusten, die dingen moeten namelijk gebeuren, al is daarmee het einde nog niet gekomen. Het ene volk zal tegen het andere ten strijde trekken en het ene koninkrijk tegen het andere, en overal zullen er hongersnoden uitbreken en zal de aarde beven: dat alles is het begin van de weeën. Dan zal men jullie onderdrukken en doden, en jullie zullen door alle volken worden gehaat omwille van mijn naam. Velen zullen dan ten val komen, ze zullen elkaar verraden en elkaar haten. Er zullen talrijke valse profeten komen die velen zullen misleiden. En doordat de wetteloosheid toeneemt, zal bij velen de liefde bekoelen. Maar wie standhoudt tot het einde, zal worden gered. Pas als het goede nieuws over het koninkrijk in de hele wereld wordt verkondigd als getuigenis voor alle volken, zal het einde komen.’

 

Overweging

Het grote en fraaie tempelcomplex wekt op Jezus’ leerlingen en op ieder mens elke keer weer indruk. Het is onderwerp van vele gesprekken: ‘mooi hè? Niet stuk te krijgen..’. Ook Jezus krijgt ervan mee, maar zijn reactie is treffend: ‘Geen steen zal op de andere blijven…’.

Dagmeditatie 10 november 2020

Door Daan Kraan op 10 november, 2020 - 08:00

Daniël 8: 15-27

Toen ik, Daniël, het visioen zag en het probeerde te begrijpen, verscheen er iemand voor me die eruitzag als een man. En over het Ulaikanaal hoorde ik een menselijke stem roepen: ‘Gabriël, zorg dat hij het droomgezicht begrijpt.’ Hij kwam vlak bij me staan. Ik schrok en viel voorover. Hij zei: ‘Begrijp, mensenkind, dat het visioen naar de tijd van het einde verwijst.’ Terwijl hij tegen me sprak, verloor ik het bewustzijn en viel op de grond. Hij raakte me aan, hielp me overeind en zei: ‘Ik zal je vertellen wat er gebeurt al Gods troon is uitgewoed, want het gaat over het tijdstip van het einde. De ram met de twee horens die je zag, duidt op de koningen van de Meden en de Perzen. De harige geitenbok is de koning van Griekenland. De grote horen tussen zijn ogen is de eerste koning. De horen brak af en er kwamen vier andere voor in de plaats; dat betekent dat er vier koninkrijken uit het volk zullen ontstaan, maar niet met dezelfde kracht. Aan het einde van hun heerschappij, als de tijd van de overtreders voorbij is, zal er een meedogenloze koning opstaan, bedreven in listen. Zijn kracht zal groot zijn – maar het is niet zijn eigen kracht – en hij zal een ongehoorde verwoesting aanrichten. Alles wat hij onderneemt zal hem lukken; machtigen zal hij in het verderf storten, ook het volk van de heiligen. Door zijn listigheid slaagt hij in elk bedrog. Hij zal hoogmoedig zijn en velen onverhoeds in het verderf storten. Tegen de vorst der vorsten zal hij opstaan, maar zonder dat er een mensenhand aan te pas komt zal hij gebroken worden. Het visioen waarin over de avonden en ochtenden werd gesproken, is waar. En jij, houd dit droomgezicht voor je, want het verwijst naar een verre toekomst.’

Ik, Daniël, was uitgeput en enige dagen ziek. Toen ik hersteld was, diende ik de koning weer. Maar ik was verbijsterd over het droomgezicht en ik begreep het niet.

 

Overweging

Dagmeditatie 9 november 2020

Door Daan Kraan op 9 november, 2020 - 08:00

Daniël 8: 1-14

In het derde regeringsjaar van koning Belsassar kreeg ik, Daniël, na het visioen dat ik eerder had ontvangen weer een visioen. In dat visioen – ik bevond met op dat moment in de burcht van Susa, in de provincie Elam – stond ik bij het Ulaikanaal. Ik sloeg mijn ogen op en zag bij het kanaal een ram. Hij had twee horens: lange horens waren het, de ene was langer dan de andere, en de langste kwam het laatste op. Ik zag de ram stoten naar het westen, het noorden en het zuiden. Er was geen dier dat tegen hem standhield; er was niemand die zich uit zijn macht kon redden. Hij deed wat hij wilde en maakte zich groot.

Terwijl ik er naar keek, zag ik vanuit het westen een geitenbok aankomen, hij snelde over de uitgestrekte vlakte zonder de grond te raken. De bok had een opvallende horen tussen zijn ogen. Hij naderde de ram met de twee horens die ik bij het kanaal had zien staan, en schoot met een razende kracht op hem af. Ik zag hoe hij op de ram afstormde, hem woedend aanviel en al stotend beide horens van de ram wist te breken. De ram had te weinig kracht om weerstand te bieden. De bok wierp hem omver en vertrapte hem; er was niemand die de ram uit zijn macht kon redden. De geitenbok maakte zich bijzonder groot, maar op het toppunt van zijn macht brak zijn grote horen af. Daarvoor in de plaats kwamen vier opvallende horens, die naar de vier windrichtingen wezen. Uit één daarvan kwam nog een horen op, die eerst klein was, maar geweldig uitgroeide naar het zuiden, naar het oosten en naar het Sieraadland. Hij groeide tot aan de hemelmachten en zorgde ervoor dat een deel van het sterrenleger naar de aarde viel, en hij vertrapte het. Hij verhief zich zelfs tegen de vorst van het leger, waardoor de vorst het dagelijkse offer werd ontnomen en zijn heiligdom werd neergehaald. Hi bracht een leger op de been tegen het dagelijks offer, hij overtrad de wet en richtte de waarheid te gronde. Alles wat hij ondernam lukt hem.

Dagmeditatie 8 november 2020

Door Daan Kraan op 8 november, 2020 - 08:00

Daniël 7: 15-28

‘Ik, Daniël, was tot in het diepst van mijn gemoed geraakt; de visioenen die door mijn hoofd gingen brachten mij in verwarring. Ik wendde mij tot een van de omstanders en vroeg hem naar de ware betekenis van dit alles. Hij gaf mij deze verklaring: “Die grote dieren, vier in getal, duiden op vier koningen die uit de aarde zullen opkomen. Daarna zullen de heiligen van de hoogste God het koningschap ontvangen, en zij zullen het koningschap altijd behouden. – voor eeuwig en altijd.”

Toen wilde ik de ware betekenis weten van het vierde dier, dat anders was dan alle andere, buitengewoon angstaanjagend met zijn ijzeren tanden en bronzen klauwen, dat alles vrat en vermaalde en wat overbleef met zijn poten vertrapte; en de betekenis van de tien horens op zijn kop en van de nieuwe horen die opkwam, waarvoor er drie moesten wijken – de horen met ogen en een mond vol grootspraak die er groter uitzag dan de andere. Ik had immers gezien hoe die horen strijd voerde tegen de heiligen en hen overwon, totdat de oude wijze kwam, er recht werd verschaft aan de heiligen van de hoogste God en de tijd aanbrak dat de heiligen het koningschap in bezit kregen.

Dagmeditatie 7 november 2020

Door Daan Kraan op 7 november, 2020 - 08:00

Daniël 7: 1-14

In het eerste jaar van koning Belsassar van Babylonië had Daniël een droom, beelden kwamen in hem op tijdens zijn slaap. Hij schreef die droom op en zijn verslag begon aldus:

‘Ik had een nachtelijk visioen waarin ik zag hoe de vier winden van de hemel de grote zee in beroering brachten. Vier grote dieren rezen op uit de zee, elk met een andere gestalte. Het eerste dier leek op een leeuw, maar dan met adelaarsvleugels. Ik zag hoe zijn vleugels werden uitgerukt, hoe het dier werd opgetild, op twee voeten overeind werd gezet als een mens en ook het hart van een mens kreeg. Toen verscheen er een tweede dier; het leek op een beer en het had zich half opgericht. Het hield drie ribben tussen de tanden van zijn muil, en het dier werd aangespoord met de woorden: “Sta op, eet veel vlees.” Daarna zag ik een ander dier; het leek op een panter, maar dan met vier vogelvleugels op zijn rug, en het had ook vier koppen. Dit dier werd macht toebedeeld. Daarna zag ik in mijn nachtelijke visioenen een vierde dier, angstaanjagend, afschrikwekkend en geweldig sterk, met grote ijzeren tanden. Het vrat en vermaalde alles, en wat overbleef vertrapte het met zijn poten. Het verschilde van alle dieren die daarvoor verschenen waren, en het had tien horens. Toen ik naar de horens keek zag ik hoe een kleine nieuwe horen tussen de andere opkwam; drie van de oude horens werden uitgerukt om er plaats voor te maken. En in die horen bevonden zich ogen als mensenogen en een mond vol grootspraak.

Dagmeditatie 6 november 2020

Door Daan Kraan op 6 november, 2020 - 08:00

Mattheüs 23: 25-39

Wee jullie, schriftgeleerden en farizeeën, huichelaars, de buitenkant van bekers en schalen spoelen jullie af, maar de binnenkant blijft vol roofzucht en onmatigheid. Blinde farizeeër, spoel eerst de binnenkant van de beker om, dan wordt de buitenkant vanzelf ook schoon.

Wee jullie, schriftgeleerden en farizeeën, huichelaars, jullie lijken op witgepleisterde graven, die er vanbuiten wel fraai uitzien, maar vol liggen met doodsbeenderen en andere onreinheden. Zo lijken ook jullie voor de mensen uiterlijk op rechtvaardigen, terwijl jullie innerlijk vol huichelarij en wetsverachting zijn.

Wee jullie, schriftgeleerden en farizeeën, huichelaars. Jullie bouwen grafmonumenten voor de profeten en versieren de graven van de rechtvaardigen, terwijl jullie zeggen: “Als wij geleefd hadden in de tijd van onze voorouders, zouden wij ons niet zoals zij schuldig hebben gemaakt aan de moord op de profeten.” Daarmee erkennen jullie zelf dat jullie kinderen zijn van hen die de profeten vermoord hebben. Maak de maat van jullie voorouders dan maar vol! Slangen zijn jullie, addergebroed, hoe denken jullie te kunnen ontkomen aan een veroordeling tot de Gehenna?

Pagina's

Abonneren op Jozefkerk Assen RSS
glqxz9283 sfy39587stf02 mnesdcuix8
sfy39587stf03
sfy39587stf04